Vuurwerkcolumn
dinsdag 11 januari 2011
VUURWERK
Onze hardloopvrienden hebben twee fietsenwinkels en hebben het rond oud en nieuw jaar razend druk omdat ze dan vuurwerk verkopen. Een paar maanden geleden was de vraag of ik wilde helpen snel gesteld en van mijn kant ook snel beantwoord. “Natúúrlijk help ik mee! Prima hoor, ik kom alle drie de dagen.” Ik zou vrij zijn, dus waarom niet. De dagen werden korter en de tijd tot het zover is dus ook. Waarop had ik eigenlijk “ja” gezegd? Op verkopen van vuurwerk? Ik, held op sokken, sta standaard van 12 tot 1 uur achter het raam naar al dat moois te kijken en zet niet één stap buiten de deur: veeeel te eng! En nu ga juist IK vuurwerk verkopen! O jee, waar ga ik eigenlijk aan beginnen? Maar wie A zegt, moet ook B zeggen, dus kom op maar met de geit. Ik word keurig geïnstrueerd, de prijsstickers zitten op de balie, zo zie je precies wat het kost. Maar o jee, die namen! Kan ik die onthouden? Twisters, Jumping jacks, Super bee’s, Thunder XL (gewone rotjes hoor), Thunder King, Romeinse kaarsen, Silver Star, Pearl, Wondertollen, Mantronix, Zodiac, Heavenly Willow en ga zo maar door! Voordat ik er een studie van kan maken staan de eerste klanten al voor mijn neus. Slik! Als de klant zelf weet wat hij wil, dan is alleen het probleem “wat is wat, en hoe schraap ik dat allemaal zo snel mogelijk bij elkaar.” Dat red ik! Maar met meer ingewikkelde vragen, hoor in het niet in Bovenkarspel, maar helemaal in Keulen donderen! Wat is mooi? Wat raad je mij aan? Is dit grondvuurwerk? Hoe ziet dit eruit? Hellupie! Weet ik dat nou, ik als antivuurwerkheld? Ik onderken meteen dat ze dan niet bij mij moeten zijn, dus ik roep gewoon de deskundigen erbij. Ze gniffelen om mij, maar helpen me wel, en ondertussen luister ik mee én ren ik het vuur uit mijn sloffen! Het grotere werk moet uit de bunker gehaald en de bestellingen ook. Heel wat kilometers loop ik af om steeds pijlsnel weer achter de balie te verschijnen. De deur naar de bunker is zwaar, de pakketten zijn zwaar, de tassen met bestellingen zijn zwaar, maar dat mag de pret niet drukken! Ik begin er lol in te krijgen! Ik begin te leren hoe het spul heet en kan zo af en toe vertellen hoe iets eruit ziet of hoe het moet worden aangestoken. Met een veilige vuurwerkbril als diadeem in mijn haar, maak ik reclame. De eerste 2 dagen kunnen we nog in etappes eten, even bijkomen en op adem komen. De tweede dag draai ik ook de koopavond mee, maar ik vind het helemaal niet erg, nee hoor, ik heb er onwijs veel lol in! Al die mensen die er een leuk feest van willen maken en allemaal in opperbeste stemming verkeren. Heerlijk! Het wordt een sport om in te schatten wat sommige klanten willen uitgeven, waarbij ik me menig keer verbaas. Iedereen wordt altijd vriendelijk te woord gestaan, of je nou een tientje of 100 euri’s komt uitgeven. Naarmate de tijd vordert worden de onderlinge grappen en grollen ook uitbundiger. Soms komt er iemand om een fiets te kopen. Een fiets?? Ik sta in een fietsenzaak maar heb geen verstand van fietsen (lekker dan, zo’n dame achter de balie)! Dan breekt de laatste dag aan. Is de streek nou nog niet helemaal voorzien van vuurwerk? Nee dus! Het is druk, soms is het zelfs dringen geblazen! Eten gaat inderdaad niet meer in etappes van 2 bij 2, af en toe een hapje tussendoor is het hoogst haalbare en hier en daar een slok koude thee. Om half 4 ’s middags wordt het rustiger en gaan we opruimen. Maar na een kwartier staat het tóch weer vol met klanten. De laatste stuiptrekkingen. Zeer voldaan ga ik naar huis en verheug ik me op ons eigen oud en nieuw met 3 gezinnen. Om 12 uur ga ik naar buiten, want ja, je bent vuurwerkverkoopster of niet hè?! Volgend jaar wil ik ook kunnen vertellen hoe iets eruit ziet. Ik overwin mijn angsten en geef mijn ogen de kost. En na een uurtje buiten in vuur en vlam staan weet ik in ieder geval wat ik volgend jaar wil bestellen. Dit wás altijd de taak van de mannen, maar volgend jaar regel ik het zelf wel! Gelukkig nieuwjaar en allemaal de beste wensen!
« Terug naar het nieuwsoverzicht «